Archief voor dagboek

Slowfood

Mevrouw Gerritsen heeft héél wat gidsen aangeschaft. Want hoe anders vind je je weg in een vreemd land. Daar komt bij dat ze natuurlijk wel in goede restaurantjes wil eten. Daarom heeft zij gekocht:

• De Trotter (vertaald uit het Frans, Le Guide Routard), voor algemene informatie en leuke adresjes.

• Het beste restaurant van Italië (Dylan van Eijkeren), voor leuke verhalen over restaurants en gerechten.

• Osterie d’Italia, gids met restaurants, aanbevolen door Slowfood, alleen in het Italiaans of Duits verkrijgbaar.

• Culinair Reiswoordenboek Italië, it-ned / ned-it, Onno Kleyn

De Slowfood gids vindt zij erg fijn. De restaurants waar ze tot nu terecht zijn gekomen zijn vaak onopvallend. Toeristen lopen er zo voorbij. In de gids worden ook al veel van de specialiteiten genoemd, zodat ze een beetje kan bekijken wat ze zou willen eten. Zo kwam Mevrouw onder andere terecht bij Taverna Pane e Vino.

Dit restaurant ligt in het prachtige maar toeristische Cortona.  Al wandelend door het stadje zien meneer en mevrouw overal vrolijk gedekte tafeltjes. Ze vinden Taverne Pane e Vino een beetje verscholen achter de marktkramen. Hier is geen terras. Het blijkt een soort kelder te zijn met mooie oude gewelven. Overal staan flessen wijn en er zijn houten tafeltjes en stoelen en verder geen tierelantijnen. Meneer en mevrouw zijn de eersten deze middag. Een uur later is het restaurant helemaal vol.
Ze worden professioneel ontvangen en de ober spreekt een beetje Engels. Hij brengt ze prachtige grote glazen wijn, shiraz Cortona smeriglio 2009 en zelfgebakken brood met meel van de steenmolen. Natuurlijk weer zonder zout want dat is een gebruik in Toscane.
(Het schijnt dat er ooit belasting geheven werd over het zout en ‘slim’ als de Toscanen waren gingen ze brood bakken zonder zout.)

De voorgerechten, die meneer en mevrouw bestellen, bestaan uit piatto del cavatore di marmo, gerecht van de marmerwerkers. Dit is spek, ook wel lardo di colonnata genoemd. Spekvet dat gerijpt wordt met zout en specerijen tussen marmer. Dit spek smelt op de tong. Het tweede gerecht is ham van het Cinta zwijn en wat geitenkaas. Meneer en mevrouw smullen ervan. Daarna komen pappardelle della festa al ragù di tre carne en tartare di chianini IGP. Meneer vind zijn pasta met 3 soorten vlees heerlijk. Mevrouw krijgt tranen in haar ogen van de heerlijke tartaar met 2 soorten olijfjes op heerlijke knapperige toastjes gestapeld als een torentje met ernaast één blad raddichio. ‘Dit is precies goed’, zucht ze. ‘Wat een fijn restaurant’. Als uitsmijter eten ze nog perzikbananenijs, puur ijs, nauwelijks zoet en een semi freddo met krokantjes. Ook weer héérlijk.

Sterk hè die gidsen.

Reacties (6)

Lampredotto

Florence is een prachtige stad, alleen lopen al die toeristen zo in de weg. Toch begint de dag erg goed in een mooie bar met een superlekkere macchiato en een cannoli piccolo.

Mevrouw heeft maar één missie in Florence en dat is het eten van een broodje Lampredotto. Dat moet natuurlijk hier gebeuren want Florence is een stad met een rijke tripes-geschiedenis.
Lampredotto is een broodje met gekookte runderpens. Mevrouw heeft wel vaker pens gegeten en ze vond het niet altijd lekker. Tripoux, een soort worst van ingewanden, was bijvoorbeeld niet aan haar besteed. Maar de trippes à la Provençale waren wél weer lekker.

Al slenterend door de stad vinden meneer en mevrouw paninoteca IYO IYO in de Borgo Pinti 25/r. De chef is een jonge serieuze man die ‘s avonds ook sushi op het menu heeft staan. Een grappige combinatie: tripes en sushi. Aan de gasten te zien is het duidelijk dat lampredotto ook nog geliefd is bij de nieuwe generatie. De kok blijkt alles alleen te doen. Meneer gaat een broodje lampredotto en een foccacia salami peccorino bestellen. Daarna kun je zelf wat ingelegde groente opscheppen, wijn tappen uit het tankje of een flesje bier of water uit de ijskast pakken. De chef werkt serieus door. Alles gaat à la minute. Het snijden van de vleeswaren, het klaarmaken van de broodjes of primi of secondi. Niemand maakt misbruik van de situatie en mevrouw Gerritsen vraagt zich af of deze formule in Nederland zou werken. De chef komt de broodjes brengen. Mevrouw heeft eindelijk haar broodje en neemt een grote hap. Ze proeft die herkenbare tripes smaak, peper en het is zacht. Lekker, een beetje als gekookte tong maar dan anders. Zelfs meneer vindt het goed te eten en hij is geen liefhebber van dit soort eten. De ingelegde groentes zijn trouwens ook verrukkelijk en het broodje van meneer ook. ‘Hier is een echte chef aan het werk’ roept mevrouw blij. Voor 1 euro extra eindigen ze met een glas grappa. De missie is geslaagd.

Reacties (2)

Arezzo (Toscane)

De volgende reis gaat naar Vitiano, net onder Arezzo. Daar hebben meneer en mevrouw een appartement in Toscaanse stijl gehuurd. Het rijden op de Italiaanse strada is net als op een racebaan. Smalle wegen met twee banen. Er rijden veel vrachtwagens dus het is manoeuvreren geblazen. Maar daar draait meneer Gerritsen zijn hand niet voor om.

In Vitiano heerst een landelijke rust. Voor het mondaine is hier geen plaats. Dit is het platteland. De vogels fluiten en meneer en mevrouw wachten onder de bomen in de tuin tot Giulio gearriveerd is. Giulio is héél vriendelijk en laat meneer en mevrouw kiezen uit verschillende appartementen. Dat wordt een groot en ruim appartement. Het is een mooi oud huis met grote open haard. In deze open haard kun je zelfs koken. Mevrouw Gerritsen is erg bang dat ze door al dat lekkere eten dikker en dikker zal worden en daarom gaat ze zwemmen in het zwembad. Ondanks het mooie weer is het water ijskoud. Maar ze moet doorzetten en probeert zoveel mogelijk baantjes te trekken. Zo dit was de gnocchi met blauwe kaas saus en nu de spaghetti met rookkaas en spekjes eraf en zo gaat ze maar door tot ze niet meer kan en haar héle lichaam blauw is van de kou.

De eerste dag gaan ze naar Arezzo ongeveer 25 minuten rijden van Vitiano.

Het Piazza Grande is een héél bijzonder plein en meneer en mevrouw hebben het geluk dat het plein leeg is op een paar locale bewoners na. Het is een aangenaam stadje en tot het tijd is om te gaan lunchen, slenteren ze wat rond. Bij La Torre di Gnicchi zijn ze de eerste gasten. Ze kunnen buiten zitten en hebben nog een beetje uitzicht op de Piazza Grande. De bediening is een onopgemaakt, vriendelijk, jong meisje in een modern broekpak met blote rug. Op haar linkerschouderblad is een getatoeëerd en op haar rechterschouderblad een . Heur haar is samengebonden in een staartje. Ze kijkt behoorlijk serieus, wat je niet verwacht bij iemand met een dergelijke tatoeage. Ze brengt meneer en mevrouw twee grote Riedel glazen met een heerlijke chianti. Vooraf heeft meneer een panzanella en mevrouw groente, ingelegd in olie. De panzanella is niet erg op smaak en de groente zijn ook niet bijzonder. Als segundi heeft meneer een polpettane. Een paar plakken van een soort gehaktbal met een wijnsaus. Mevrouw heeft een sformato. Ze zocht het op in Onno Kleyn’s reiswoordenboek waar het wordt omschreven als luchtig gerecht dat in een vorm gaar gemaakt wordt en vervolgens gestort. Het blijkt een bijgerecht (contorno) te zijn. Het is niet erg luchtig en het valt mevrouw een beetje tegen. Het gerecht van meneer is stukken beter. Om de chef nog een kans te geven besteld mevrouw Gerritsen een crostata met peer en ricotta. Het meisje brengt er 2 vorken bij. Het gebak is warm, zacht en slap. De smaak is goed maar het is niet krokant. Misschien heeft de chef even de magnetron gebruikt. Toch jammer. Mevrouw Gerritsen verbaast zich dat dit restaurant opgenomen is in de slow food gids. Misschien was het een slechte dag?

Reageer

Meina (Lago Maggiore)

Na Mulhouse trekken meneer en mevrouw door Zwitserland, op weg naar Italië. De bergen liggen er prachtig bij. Frisse groene weiden en een blauwe lucht. Jammer van de file die wel één uur duurt. Om een uur of drie komen ze aan bij hun hotel in Meina.

Op de balie ligt een brief met sleutel en instructies, want op zondag is er geen receptie. Maar waar moeten ze de auto parkeren en hoe krijgen ze toegang tot de broodnodige wifi?

Na één telefoontje is het duidelijk. Meneer moet achter de balie kruipen en op allerlei knoppen drukken. Dan komt een bonnetje tevoorschijn met toegangscodes. Dit blijkt een selfservice hotelappartement te zijn. Het restaurant is wél open, maar zij hebben een ander management, dus kunnen ze helaas verder niets vertellen…

Mevrouw Gerritsen is dolenthousiast over het appartement. Het is mooi ingericht. lekker ruim, twee balkonnetjes met uitzicht op het meer, wat wil een mens nog meer? Meneer hangt uit het raam en ruikt een heerlijke lucht. Inderdaad dat vindt mevrouw ook. Maar wat is het? Het ruikt naar verse perzik of abrikoos. Alle bomen en bloemen worden geïnspecteerd. Waar komt die heerlijke lucht toch vandaan? Staat hier soms een hele grote verstuiver in het dorp? Behalve de geur is het meer prachtig en heeft een ontspannende werking. Het is hier héél romantisch.

Tussen de middag gaan meneer en mevrouw eten bij een slow food restaurant. Slow is het zeker, maar het is het wachten waard. Zachte, gele paprika met een fluweelwarme ansjovissaus. Tapulone, gestoofd ezelvlees in wijn, gnocchi in een romige gorgonzolasaus, gevulde ravioli met ossenstaart en gevulde kwartel. Mevrouw Gerritsen is verrukt! Hier geen theater op de borden maar smaak, véél smaak.

Als ze weer thuis komen staan alle hotelgasten op de stoep. Het brandalarm is afgegaan. In het gebouw is constant het geluid van een gillende sirene te horen. De politie, brandweer en het nummer van de receptie (voor noodgevallen) leveren niets op. De gasten winden zich op. Mevrouw gaat binnen toch even een Aperol en een biertje halen want het is tijd voor een aperitief. De hoop is gevestigd op het restaurant dat om 18.15 open gaat. Om 18.45 komt de ober, die meneer nog zo goed getipt had. Van enige herkenning is geen sprake en hij wimpelt de mensenmassa af met de eenvoudige woorden, ‘wij zijn niet van hetzelfde management.’ ( in het Italiaans natuurlijk) De mensen weten niet wat ze horen. Mevrouw Gerritsen begint er nu wel een beetje genoeg van te krijgen. De mannelijke gasten lopen het gebouw door op zoek naar knoppen, schakelaars, hendels. Dan kijkt iedereen hoopvol naar een groepje mannen in oranjekleurige pakken met gebruinde gezichten. Het zijn stoere kerels die wel tegen een stoppenkast opgewassen lijken. Ze logeren in hetzelfde hotel. Er wordt flink gespeculeerd hoe deze mannen het geluid tot stilte zullen brengen. ‘ Ze zullen de hele boel kort en klein slaan’! zegt één van de gasten. Mevrouw Gerritsen verwacht niet veel van haar medegasten. Ze zijn te keurig en geciviliseerd. Maar de hulp komt uit een andere hoek. De chefkok kan het niet langer aanzien en ook al is hij van een ander management, hij begint toch te bellen en te bellen en te bellen. Eindelijk heeft hij beet en binnen 5 minuten is het hele hotel weer in volle rust en zitten alle gasten weer rustig binnen. Maar mevrouw  is toch niet helemaal tevreden want waar komt toch die lekkere perzik geur vandaan?

Reacties (1)

Mulhouse

Op weg naar Italië stoppen meneer en mevrouw in Mulhouse, een stadje in de Elzas. Dit arme stadje is eeuwen lang heen en weer geslingerd tussen Frankrijk en Duitsland. Dé plek om eens een choucroute garnie te eten. De choucroute is smakelijk met 2 soorten worstjes, frisse zuurkool, een aardappeltje, varkensvlees en vanzelfsprekend: spek. Het voorgerecht was een salade vigneron. Een salade van worst met wel 300 gram Gruyère en hier en daar een blaadje sla en en een stukje tomaat. De smaak was goed maar zelfs mevrouw Gerritsen was blij de berg Gruyère te laten staan.

choucroute

Reacties (1)

« Vorige pagina« Vorige items « Vorige pagina · Volgende pagina » Volgende items »Volgende pagina »