Archief voor juli, 2006

Amuse

niet clicken

Een klein hapje om de trek op te wekken kan natuurlijk van alles zijn. De lekkerste amuse blijft natuurlijk goed brood, liefst vers gebakken, met olijfolie. De verfijning zit dan in de keuze van de olijfolie en de kwaliteit van het brood.

click

Mijn lievelingsrecept van stokbrood:

1 kilo Franse tarwebloem
20 gram fijn zeezout
30 gram verse gist
600ml bronwater zonder koolzuur

De temperatuur is cruciaal. De optelsom van de ingrediënten moet 54 graden zijn. Dus als de keuken 20 graden is en het meel 18 dan moet het water 16 graden zijn.

Maak een papje met de helft van het meel, de helft van het zout en een kwart van de gist, plus al het water. Doe alle ingrediënten in een grote mengkom en klop het met de hand tot een glad beslag. Dek het af met een deksel of folie. Laat het bij 20 graden staan tot het deeg verdubbeld is in 8 uur of een hele nacht. Werk er de volgende dag de, in 1 eetlepel water opgeloste gist, door, de rest van het zout en genoeg bloem om een stevig deeg te krijgen. Kneed 10 minuten tot het stevig en elastisch is. Leg het deeg terug in de kom en laat het wéér staan tot het verdubbeld is in omvang (ongeveer 1 uur). Leg het deeg voorzichtig op het werkblad en snijd het in 7 gelijke porties. Dek ze af met vershoudfolie en en laat 10 tot 15 minuten rusten. Rol elke bal uit tot een rechthoek van 24×20 cm. Rol die stevig op, zoals een cakerol en vouw de uiteinden ertussen. Knijp de vouw bij elkaar om hem goed vast te zetten. Rol de deegrol op een niet bestoven werkblad als volgt: leg een hand op beide uiteinden en beweeg de rechterhand naar voren en tegelijkertijd de linkerhand naar achter en terug, zodat er een brood ontstaat met spitse uiteinden en zolang als de bakplaat. Bestuif licht een schone en droge doek en leg die op een grote plaat. Leg de broden hier voorzichtig op en vouw de doek er dubbel tussen, als steuntje en als scheiding tussen de broden. Zet de plaat in een plasticzak en laat ze rijzen tot ze in omvang verdubbeld zijn, in ongeveer 45 minuten. Verwarm de oven vóór op de hoogste stand en zet een bakje met water op de bodem om stoom te creëren. Haal de gerezen broden te voorschijn en rol ze voorzichtig op de bakplaten. Maak met een vlijmscherp mes vier dwarse sneden over de lengte van elk brood. Zet de platen in de oven en besprenkel de binnenkant met water zodat er veel stoom ontstaat. Doe de oven deur snel dicht en laat de broden bakken tot ze knapperig en goudbruin zijn.

click

Reacties (3)

Catastrophe 2

click

Chanson was moe. Hij had de hele nacht met zijn nieuwe telefoon gespeeld. Hij kon er mee wifiën, wappen en weppen, alleen de keuken schoonmaken kon deze telefoon nog niet. Gelukkig was Loverboy er. Hij was altijd vrolijk en had de liefde van zijn leven weer eens gevonden. Meestal duurde die 6 weken, maar dit keer was het de ware, verzekerde hij mij. Loverboy maakte altijd lekkere hapjes voor iedereen.
Het hele kassasysteem viel uit en de courgettes waren op en het was nog steeds erg warm. Verder viel het wel mee.

Reacties (1)

Catastrophe

click

‘C’est une catastrophe’, zei Chanson. Hij gooide de pannen op het vuur en het zweet liep over zijn gezicht. Alles in de keuken moest onmiddellijk koud gezet worden. Het was zó warm, dat het eten in vijf minuten zuur kon worden. De bonnen rolden de keuken in, met de meest wonderlijke combinaties. De mensen gingen nu van alles tegelijk bestellen.
Schout kon zich er niet over opwinden. Hij wond zich eigenlijk nooit ergens over op. Al was het nog zo druk, hij bleef altijd schijnbaar kalm.
Buiten vochten de mensen om de tafeltjes. Wij vochten ons door de avond heen.

Reacties (3)

Slecht weer

click

Het slechte weer houdt nog aan, hoorde ik een nieuwslezeres zeggen. Slecht weer?! Het is ook nooit goed! Alle Meerdaagsen worden in ieder geval afgelast. Meneer Gerritsen ging lekker sproeien op het dakterras. Als we alles maar voldoende vochtig houden, komt het wel goed. Nog 12 kopjes water vandaag.

niet clicken

Reacties (1)

Terug in Amsterdam

click

Het was warm, het zweet spoot eruit, terwijl we al onze Franse schatten naar ons eigen huisje droegen. Daar ging de telefoon, het was Alice. ‘Zijn jullie al terug? Het is hier al de héle tijd warm. Eigenlijk hadden jullie niet weg hoeven gaan.’ Ze ratelde maar door en ik dacht aan het rustige huis van monsieur Mailipard. Doodmoe legde ik de hoorn op de haak en zuchtte, ‘Ja, we zijn weer thuis.’

click

Reacties (3)

« Vorige items