Meina (Lago Maggiore)

Na Mulhouse trekken meneer en mevrouw door Zwitserland, op weg naar Italië. De bergen liggen er prachtig bij. Frisse groene weiden en een blauwe lucht. Jammer van de file die wel één uur duurt. Om een uur of drie komen ze aan bij hun hotel in Meina.

Op de balie ligt een brief met sleutel en instructies, want op zondag is er geen receptie. Maar waar moeten ze de auto parkeren en hoe krijgen ze toegang tot de broodnodige wifi?

Na één telefoontje is het duidelijk. Meneer moet achter de balie kruipen en op allerlei knoppen drukken. Dan komt een bonnetje tevoorschijn met toegangscodes. Dit blijkt een selfservice hotelappartement te zijn. Het restaurant is wél open, maar zij hebben een ander management, dus kunnen ze helaas verder niets vertellen…

Mevrouw Gerritsen is dolenthousiast over het appartement. Het is mooi ingericht. lekker ruim, twee balkonnetjes met uitzicht op het meer, wat wil een mens nog meer? Meneer hangt uit het raam en ruikt een heerlijke lucht. Inderdaad dat vindt mevrouw ook. Maar wat is het? Het ruikt naar verse perzik of abrikoos. Alle bomen en bloemen worden geïnspecteerd. Waar komt die heerlijke lucht toch vandaan? Staat hier soms een hele grote verstuiver in het dorp? Behalve de geur is het meer prachtig en heeft een ontspannende werking. Het is hier héél romantisch.

Tussen de middag gaan meneer en mevrouw eten bij een slow food restaurant. Slow is het zeker, maar het is het wachten waard. Zachte, gele paprika met een fluweelwarme ansjovissaus. Tapulone, gestoofd ezelvlees in wijn, gnocchi in een romige gorgonzolasaus, gevulde ravioli met ossenstaart en gevulde kwartel. Mevrouw Gerritsen is verrukt! Hier geen theater op de borden maar smaak, véél smaak.

Als ze weer thuis komen staan alle hotelgasten op de stoep. Het brandalarm is afgegaan. In het gebouw is constant het geluid van een gillende sirene te horen. De politie, brandweer en het nummer van de receptie (voor noodgevallen) leveren niets op. De gasten winden zich op. Mevrouw gaat binnen toch even een Aperol en een biertje halen want het is tijd voor een aperitief. De hoop is gevestigd op het restaurant dat om 18.15 open gaat. Om 18.45 komt de ober, die meneer nog zo goed getipt had. Van enige herkenning is geen sprake en hij wimpelt de mensenmassa af met de eenvoudige woorden, ‘wij zijn niet van hetzelfde management.’ ( in het Italiaans natuurlijk) De mensen weten niet wat ze horen. Mevrouw Gerritsen begint er nu wel een beetje genoeg van te krijgen. De mannelijke gasten lopen het gebouw door op zoek naar knoppen, schakelaars, hendels. Dan kijkt iedereen hoopvol naar een groepje mannen in oranjekleurige pakken met gebruinde gezichten. Het zijn stoere kerels die wel tegen een stoppenkast opgewassen lijken. Ze logeren in hetzelfde hotel. Er wordt flink gespeculeerd hoe deze mannen het geluid tot stilte zullen brengen. ‘ Ze zullen de hele boel kort en klein slaan’! zegt één van de gasten. Mevrouw Gerritsen verwacht niet veel van haar medegasten. Ze zijn te keurig en geciviliseerd. Maar de hulp komt uit een andere hoek. De chefkok kan het niet langer aanzien en ook al is hij van een ander management, hij begint toch te bellen en te bellen en te bellen. Eindelijk heeft hij beet en binnen 5 minuten is het hele hotel weer in volle rust en zitten alle gasten weer rustig binnen. Maar mevrouw  is toch niet helemaal tevreden want waar komt toch die lekkere perzik geur vandaan?

1 Reactie »

  1. Konijn zei,

    donderdag, 6 oktober 2011 @ 21:19 uur

    Je maakt wat mee als je aan rust toe ben. Maar als er good food naar de maag kan verzacht de pijn wel een beetje. En maar hopen dat het hierbij blijft.

RSS feed for comments on this post · TrackBack URI

Laat een reactie achter: